8 - Grove den
Hier ontmoet je een van de meest karakteristieke bewoners van ons landschap: de grove den of Pinus sylvestris. Met zijn oranje kruin en diep gegroefde schors houdt hij al eeuwenlang stand in weer en wind. Ontdek hoe deze iconische boom zich aanpast aan zijn omgeving, van kaarsrechte bosboom tot grillige vliegden.
Herkomst
De grove den is een echte oerbewoner die hier al na de laatste ijstijd, zo'n 10.000 jaar geleden, op eigen kracht verscheen. Hoewel hij dus een inheemse soort is, verdwenen de oorspronkelijke Belgische exemplaren in de middeleeuwen bijna volledig. In die periode werden ze erg veel gekapt om plaats te maken voor landbouw en gebruikt als brandhout. De dennen die je vandaag in de Kempen ziet, zijn dan ook grotendeels nakomelingen van bomen die later zijn ingevoerd vanuit Duitsland.
In de 19e eeuw kreeg de boom een glansrol in onze economie. Omdat hij razendsnel groeit op arme, droge zandgrond, werd hij massaal aangeplant om te voorzien in de enorme vraag naar stuthout voor de mijngangen. De dennenbossen die we nu als natuur waarderen, werden oorspronkelijk vaak aangelegd als 'houtfabrieken' voor de mijnindustrie.

Eigenschappen van de grove den

De naalden
Zijn lange, blauwgroene naalden groeien altijd in paren van 2 en worden zo'n 3 tot 7 cm lang. Hiermee valt hij makkelijk te onderscheiden van andere dennensoorten. Een veel voorkomende zwarte den (Pinus nigra) heeft bijvoorbeeld naalden van 10 cm of langer.
De vorm
De kruin is vaak erg grillig en bovenaan gekromd. Naarmate hij ouder wordt krijgt hij zo een prachtig silhouet tegen de horizon. Onderaan heeft hij dan weer een rechte stam doordat de onderste takken afsterven door een gebrek aan licht.
De kleur
Kijk eens omhoog: de schors in de top is zacht oranje. Deze warme kleur is hét kenmerk van de grove den.
De schors
Onder de oranje kruin is de stam bedekt met een dikke, ruwe en grijsbruine schors. Deze diepe groeven vormen een stevig pantser dat hem beschermt tegen weer en wind.


Vliegende dennen?
De zaden van een grove den hebben vleugeltjes, waardoor ze door de wind kilometers ver meegenomen kunnen worden. Daarom zie je ze soms opduiken in open heidegebieden. Zo'n alleenstaande grove den noemen we dan een vliegden.
Een vliegden ziet er helemaal anders uit dan een standaard grove den doordat het licht niet tegen gehouden wordt door andere bomen. Doordat hij zo alle licht en ruimte krijgt, groeit hij niet kaal en recht omhoog, maar ontwikkelt hij een grillige vorm met aan een kant welige, zware takken.


Achtzaligheden-boom
Een bekend voorbeeld van een oude vliegden is de Achtzalighedenboom in Lille die er al zo'n 200 jaar stat. Deze oude vliegden dankt zijn naam aan zijn unieke vorm: de stam vertakt zich vlak boven de grond in meerdere armen. Volgens de legende verwijst dit naar de 'acht zaligheden', maar biologisch gezien is het vooral een teken van een boom die alle vrijheid kreeg om te groeien in de richting die hij wilde.
Kegels
De eivormige kegels van de grove den, ook wel dennenappels genoemd, hebben een ingenieuze manier om hun zaden te verspreiden. Ze groeien meestal in paren en hebben twee jaar nodig om volledig te rijpen. Wanneer de lucht droog genoeg is, openen de houtige schubben zich om de gevleugelde zaden aan de wind mee te geven. Bij vochtig weer sluiten de schubben zich direct weer om het zaad te beschermen. Deze vetrijke zaden zijn voor dieren als de eekhoorn, de vink, de kuifmees en de grote bonte specht een cruciale voedselbron.
Wist je dit al over een grove den?
Hij is een echte pionier
De grove den heeft weinig voedingsstoffen nodig en is daarom een pionier die groeit op voedselarme gronden. Zo'n pionier is een soort die als een van de eersten een gebied vestigen dat leeg of bijna leeg is vanwege een gebrek aan voedsel in de bodem. Met zijn penwortel kan deze boom namelijk uit grotere diepte water opnemen uit de bodem. De vestiging van zo'n pionierssoort is meestal de eerste stap in ecologische successie. De bladeren en ander organisch materiaal dat die pionier laat vallen, verrijken de bodem en zorgen ervoor dat na verloop van tijd ook andere planten er zullen beginnen groeien.
Hij is een echte overlever
In onze bossen worden de meeste grove dennen zo'n 250 jaar oud. Maar onder ideale omstandigheden kunnen ze zelfs een leeftijd van 400 tot 500 jaar bereiken. In Zweden kan je zelfs een exemplaar van 750 jaar oud vinden. Door de koude daar groeien ze er veel trager, waardoor het hout er compacter en sterker wordt. Hierdoor zijn ze veel beter bestand tegen bijvoorbeeld stormen.
Hij heeft al veel levens gered
Een van de eigenschappen van het hout van de grove den is luid te kraken voordat het breekt. Het hout van deze boomsoort werd dan ook veel gebruikt in mijnschachten. Wanneer mijnwerkers het hout hoorden kraken, wisten ze dat ze zich snel uit de voeten moesten maken. Het kraken was voor hen een teken dat de mijngang wel eens kon instorten.
Hij ruikt erg lekker
De hars van deze bomen geeft een heerlijke, frisse bosgeur af. Vroeger gebruikte men deze hars om terpentijn en teer van te maken. De boom zelf gebruikt de hars als een soort pleister: als de schors beschadigd raakt, stroomt er hars naar de wonde om bacteriën en schimmels buiten te houden.